Rioolheffing

De rioolheffing wordt bepaald aan de hand van het waterverbruik. De gebruiker van een perceel van waaruit afvalwater op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd betaalt rioolheffing. Uit efficiencyoverwegingen lift de rioolheffing mee op de waternota van Vitens.

Er zijn echter gevallen waarbij dit niet mogelijk is, bijvoorbeeld wanneer een object geen eigen watermeter heeft. In dit soort gevallen leggen we als gemeente de aanslag rioolheffing zelf op en incasseren deze ook zelf. De hoeveelheid ingenomen water wordt dan bepaald op 45 m³ per persoon.

Wanneer de rioolheffing meelift op de waternota loopt het belastingjaar van 1 augustus tot en met 31 juli van het jaar daarop. In de andere gevallen is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

De opbrengsten van de rioolheffing gebruikt de gemeente voor het onderhoud en vervanging van het gemeentelijke rioolstelsel.

De gemeente legt rioolheffing op aan de gebruiker van een pand, woonruimte of bedrijfsruimte.

Wanneer betaalt u rioolheffing?

De rioolheffing bent u verschuldigd vanaf het moment dat u een object in gebruik neemt. Wanneer u in de loop van het jaar uit de gemeente verhuist, hoeft u vanaf het eind van de maand waarin u verhuist geen rioolheffing gebruik meer te betalen.

Kosten

  • 0-500 m³: € 2,70
  •  501-5.000 m³: € 2,61
  • 5.001-20.000 m³: € 2,57
  • 20.001 en meer: € 0,00